Het gaat om de kwaliteit en niet om de kwantiteit
Leo Smits
We denken allemaal maar dat het normaal is. En dat we er recht op hebben. En dat het allemaal veel goedkoper kan. En dat ze niks doen. En dat er teveel zijn. En dat is allemaal niet zo.
Het Nederlandse ambtenaren corps hoort tot de beste ter wereld. We zijn er aan gewend dat een ambtenaar niet zijn hand op houdt om voor zijn dienst nog wat extra’s te vangen. In andere landen is dat heel normaal. En bij ons is het heel normaal dat dat niet gebeurt. Bij ons hoef je je belasting niet in een envelopje te komen brengen met nog een extra envelopje voor onder de tafel. Bij ons is het niet zo dat een bekeuring afgekocht kan worden. Het Nederlandse ambtenarencorps is integer en niet corrupt en we vinden dat allemaal maar gewoon. En dat is het niet. Premier Putin heeft zojuist het niet gehoorzamen van een agent tot een misdrijf verklaard omdat hij er niet in slaagt om gewoon, zonder heftige repressie, de politieambtenaren er toe te bewegen te doen wat de top heeft op gedragen.
We hebben geen politieke ambtenaren. Een enkele assistent van een minister daar gelaten. We hebben een ambtelijke top die zo loyaal en deskundig is dat ze evenzeer een linkse als een rechtse minister kunnen en willen bedienen. Niet zoals in andere landen waar bij iedere politieke wisseling een heel leger ambtenaren wordt uit- en in geschoven. We hebben daardoor een grote stabiliteit. Het land wordt ook geleid als de politiek eens even een tijdje afwezig is vanwege een formatie en dat komt door dat er een uitstekende ambtelijke top zit.
De Nederlandse ambtenaren hebben hart voor de publieke zaak. Ze verdienen minder dan in het bedrijfsleven, in het bijzonder in de top en toch blijven ze hun werk doen. Toegewijd heet dat.
Ze vangen klappen op. Als je hoog oplopende conflicten in de Tweede Kamer volgt, dan zie je vaak dat de bewindsman of –vrouw uiteindelijk mag blijven zitten, maar de topambtenaar die uitvoering gaf aan het door de Kamer verfoeide beleid moet meestal de laan uit.
Hoog opgeleid zijn ze. En dat moet ook. Het moet mogelijk zijn om leiding te kunnen geven aan grote projecten en ontwikkelingen. Er moet op evenwaardig niveau als in het bedrijfsleven gewerkt kunnen worden en dat kan.
Kwaliteit is belangrijk, kwantiteit minder. Het gaat er om dat de overheid zijn doelen weet te halen. De richting is belangrijk, maar het maakt niet uit of dat door ambtenaren gedaan wordt of niet. Vroeger vonden we dat postbodes ambtenaren moesten zijn. Nu niet meer. Kantonniers zijn nu soms nog ambtenaren, maar moet voor de uitvoering van hun werk echt politieke verantwoordelijkheid gedragen worden? Beveiliging was vroeger voorbehouden aan politie ambtenaren en nu zijn er meer beveiligers zonder ambtelijke status dan met. In Duitsland werd de Defensie automatisering gedaan door ambtenaren en nu zijn het de werknemers van een privaat bedrijf. In het Verenigd Koninkrijk worden de belastinggelden op gehaald door werknemers van een bedrijf.
Maar soms is de roep om minder ambtenaren gewoon borrelpraat. Je hoort zelfs figuren in de politieke top in één zin zeggen dat er minder ambtenaren moeten komen, maar meer politiemensen. En je hoort ook die politici zeggen dat er tien duizenden beleidsambtenaren uit kunnen. Ze weten niet eens dat we helemaal niet zo veel beleidsambtenaren hebben. Het zijn er een paar duizend en that’s it. Het gaat om wat onze ambtenaren doen en niet om met hoeveel ze dat doen.
Het gaat om de kwaliteit en niet om de kwantiteit. En die kwaliteit, daar mogen we trots op zijn.
Drs. L.J.E. (Leo) Smits is directeur van het HECROI
Oei