Vereniging voor OverheidsManagement

Vliegen als een Potvis. Knuffelen als een Grizzlybeer. En achter die snor zit een lach.

Vliegen als een potvis. Knuffelen als een grizzlybeer. En achter die snor zit een lach.

Aik van Eemeren

Het is log, het is groot. En misschien zijn we met teveel. NSFA (Not Suitable For Ambtenaren, voor de geen-Geenstijl lezers) betekent dat het niet geschikt is voor 11,2 % van werkend Nederland, en dat is best veel. Als we het hebben over de ambtenaren die ‘teveel’ zijn hebben we het niet over deze groep van 974.000. Dan hebben we het vooral over de beleidsmakers, en die tak van sport blijkt grootschaliger bemand te zijn volgens het OESO dan in vergelijkbare landen. Maar wees getroost, ambtenaren zijn een uitstervend soort. Zowel in ambtelijke status als in aantal. Van alle vandaag de dag gepresenteerde bezuinigingsvoorstellen is het terugbrengen van het aantal rijksambtenaren verreweg het populairst.1 Rita’s Trots werd de glorieuze winnaar van het virtueel ambtenaren ontslaan.2 En het is politieke zelfmoord om nu te verkondigen dat de burger meer op moet hoesten voor meer ambtenaren. Dit is vertaald naar het regeerakkoord en de inkrimping van de ambtelijke organisaties is ingezet. Begrijpelijk. Maar het imago van de overheid als een goede en betrouwbare werkgever mag niet helemaal verloren gaan. Dan zijn we straks duurder uit om een paar geschikte mensen te vinden die de klus klaren. Daarom een appèl om een positief beeld uit te dragen van het werken bij overheden.

Winterslaap was net ingezet. Warm knuffelen met grote nagels.

De raamambtenaren komen uit hun slaap en beginnen mondjesmaat te protesteren. Een paar niet, die zitten gaan net hun winterslaap in. Een enkeling wordt wakker geschud als hij, of die snurkende collega naast hem, op subtiele of minder subtiele wijze ergens anders hun heil mogen gaan zoeken. En dat gaat snel. Elke dag loop je langs een ‘Werken bij de overheid’-campagne, en elke dag lees je een ergens een bericht van een vacaturestop of bezuinigingsontslag. We verleiden jong potentieel met traineeships, en als ze eenmaal binnen zijn hebben we geen idee waar we ze moeten laten. Ja, wel waar we ze moeten laten, maar niet wie het gaat betalen. Want eerst moeten ‘die anderen’ nog weg.

De TK-Motie van D66’ers Schouw voor het aantrekken en behoud van jonge ambtenaren bij een slinkende overheid ontlokt bij de Minister Donner de uitspraak ’omdat wij zeker op een arbeidsmarkt waarin straks tekorten ontstaan, groot belang erbij hebben om de kwaliteit van het overheidsapparaat vast te houden’.3 We weten, dacht ik, allemaal wel dat we nu jongeren binnen moeten halen om met ‘De Grote Uitstroom’ niet álle kennis weg te laten vloeien. Niet alle ambtenaren zijn het daarmee eens. De politici doen het nooit goed. Doen ze hun best, krijg je dit. Een kleine greep uit de reacties:

De politiek buitelt over elkaar heen om de oudere ambtenaren het leven zuur te maken: langer doorwerken, ouderen het eerst er uit, pensioen en AOW omlaag, ambtenarenrecht afschaffen en ga zo maar door. Erg consistent kan ik het niet noemen; met arbeidsmarkt gericht denken heeft het al evenmin iets te maken. Jonge ambtenaren zouden er goed aan doen zich te realiseren dat zij op enig moment net zo goed in het verdomhoekje terecht kunnen komen. Ik zal geen enkele jongere ooit adviseren bij de overheid te gaan werken!” en “Snel doen, dan kan de overheid zich verder ontwikkelen als onderneming met medewerkers die geen idee hebben wat een publieke moraal is of een band kunnen ontwikkelen met regelgeving.

Die glimlachende snor zit niet in de trein maar in de leaseauto.

Er zijn te veel adviseurs door een minderwaardigheidscomplex van ambtenaren, aldus Ten Harkel (Binnenlands Bestuur – 11 november 2010). De structurele zelfonderschatting van mensen die bij de overheid werken, zorgt ervoor dat de overheid op grote schaal externe adviesbureaus inhuurt. De adviseurs zullen de overheid moeten adviseren over de vraag hoe zij met minder adviseurs kunnen werken. Ten Harkel: “Dit beeld doet absoluut geen recht aan de werkelijkheid. Uiteraard werken ook bij de overheid veel zeer capabele mensen. Maar het is tekenend dat als de overheid minder externen zegt te gaan huren, diezelfde externen dit niet eens serieus nemen en staan te juichen dat er meer werk aan komt. Er is dus iets met de beeldvorming over de overheidsfunctionaris.” Huren we straks echt externen in om ons uit te leggen hoe we ze in aantal minderen?

Natuurlijk zijn er ook ambtenaren die zichzelf onderschatten. Dat is niet zo gek als de meest uitdagende projecten steeds aan je neus voorbij gaan. Vertrouwen we onze eigen mensen niet? Probleem dat inhuur met zich meebrengt is dat we geen kennis en ervaring opbouwen en borgen in de eigen organisaties. Want zo'n externe leert er weer wat van en gaat dan weer naar een ander. Sier maken met die kennis en vaardigheden. En denk maar niet dat alle projecten goed gaan als het maar door een externe gebeurt... leren op kosten van de opdrachtgever. De gedachte “wil je interessante dingen doen bij de overheid moet je eigenlijk consultant worden” dwaalt door mijn hoofd. Los van het feit dat het eigenlijk niet goed voelt zo mee te werken aan belastinggeldverspilling, maakt het je werk wel leuker.

Ja, inderdaad. Stop eens met het knuffelen van onzin.

Het imagoprobleem doen we vooral veel zelf. Niet alleen blamages met OV-Chip-kaarten, onhandige regels aan TNT, en nodeloos complexe e-projecten, maar ook veel dichter bij huis. Ik vraag me wel eens af wat mensen bezielt. Neem het voorbeeld van de gedragsregels op internet. Ga weg, hou op daarmee. Doe het niet. Daar hebben al heel veel mensen over nagedacht, en Google heeft eenvoudige conclusie, en dus ook maar één regel: “don’t be stupid”. Er zijn in 431 gemeenten, 12 provincies en een heel peloton bij het Rijk aan het nadenken over online gedragsregels. Als je ze wil, de Britten hebben het opgeschreven. Uitgebreid. Maar dan nog: we starten programma op na programma voor minder regels en er is nog niets misgegaan en we leggen onszelf regels op. Over iets wat duidelijk niet in de categorie complexe dingen valt. “Don’t be stupid”.

De ‘echte’. Bereddertjes als beschermer van de samenleving.

Ik heb het getroffen. Ik heb ze gezien. Jisktefetters. Inclusief de grapjes. Vriendelijke mensen. Doen hun ding. Doen dit goed. Weten alleen niet of iemand er op zit te wachten. Iedereen kent wel zo’n voorbeeld (heeft één van U ooit een giftexemplaar ‘Vogels in de Provincie Utrecht’ mogen ontvangen?). Mijn stagekamertje was letterlijk en figuurlijk een opberghok met een computer. Vanuit dat hokje ontmoet je gaandeweg mensen met passie, idealen en een gezonde dosis realisme. Je komt er achter welke professoren wel wat zinnigs te melden en welke niet. En welke beslissers ook beslissend zijn. Hoe vind je je weg tussen onzinprojecten, potjes die op moeten en dubbele dingen? Ook al gaat dat waarschijnlijk om de marge, het valt wel op.

Minister Donner hekelt tijdens de verkiezing Overheidsmanager van het Jaar de Engelse term Manager. Hij spreekt liever van beredderaar. “Overheidsberedderaar, uiteraard, want beredderen bij de overheid is wat anders dan managen bij een bedrijf.” Beredderaars die meehelpen de er in te slagen de overheid weer geaccepteerd te krijgen als beschermer van de samenleving. Zullen we niet proberen te vliegen als een potvis, maar gewoon ons ding goed doen?

Aik van Eemeren is projectmanager bij de Vereniging voor OverheidsManagement, beleidsmedewerker bij de Vereniging van Gemeentesecretarissen en bestuurslid van FUTUR, landelijk jonge ambtenaren netwerk.

 
You are here: Home Oei