Verslag Reuring!Café #89 | Toezicht in beeld | 29 januari

Verslag Reuring!Café #89 | Toezicht in beeld | 29 januari

Op dinsdagavond 29 januari vond de 89ste editie van Reuring!Café plaats. Thema was ditmaal toezicht houden. Toezicht houden wordt veelal geassocieerd met regelgeving en het handhaven van die regelgeving. Men denkt vaak aan inspecteurs die langskomen in de organisatie om te speuren naar fouten en overtredingen. Minder vaak denkt men echter aan het voorkomen van ongelukken of het waarborgen van arbeidsomstandigheden, zaken waar iedere werknemer baat bij heeft. Hoe komt het dat het beeld rondom de toezichthouder zo eenzijdig van aard is? Waarom lijkt de toezichthouder pas in beeld te komen als ongelukken of complexe regelgeving zich manifesteren?

In deze editie van Reuring!Café gingen bank, host en debatleider in op de uitdagingen en dilemma´s waar toezichthouders dagelijks mee te maken hebben. Experts reflecteerden op het systeem en de positionering van toezicht houden in Nederland en welke verandering daarin dient plaats te vinden. Welke vraagstukken vergen de meeste toezicht? Hoe zorgen we voor een andere invulling en rol voor toezicht? Het panel van dit Reuring!Café was divers. De overheid, wetenschap en de toezichthouder zelf waren allen vertegenwoordigd.

Aandacht voor onze fundamentele overtuigingen

Het programma startte met een korte voorstelronde van de bankgasten en de host. Mark Frequin, directeur-generaal Mobiliteit bij het ministerie van IenW en voorzitter van de VOM, was ook bij dit Reuring!Café debatleider. Host was Jan van den Bos, voorzitter van de Inspectieraad en inspecteur-generaal bij de Inspectie Leefomgeving en Transport. Van den Bos sprak voorafgaand aan het debat de – volgens Van den Bos zelf vrij idealistische – wens uit om een eenduidig beeld van toezicht houden te creëren: “We moeten erachter zien te komen wat de samenleving van toezichthouders verwacht en wat wij realistisch aan die samenleving kunnen leveren.”

Van den Bos introduceerde de bankgasten door middel van een limerick, waarna de gasten kort een één-op-één-gesprek voerden met debatleider Frequin. René Hoff, voormalig voorzitter van de Raad van Toezicht bij de Stichting Anton Constandse en de JP van den Bent stichting, nam in dat gesprek al stellig een positie in door te pleiten voor een volledige afschaffing van toezicht. Ook Reinier van Zutphen, Nationale Ombudsman, koos positie: “We hebben als maatschappij veel teveel toezicht georganiseerd. Allemaal om de echte vraag, namelijk wat de burger eraan heeft, te vermijden.” Frédérique Six, hoofddocent Public Governance, vertrouwen en controle bij de Vrije Universiteit Amsterdam, koos een meer wetenschappelijke benadering: “We moeten binnen het vraagstuk van toezicht houden kijken naar een aantal fundamentele overtuigingen. We controleren vanuit wantrouwen, maar moeten juist toe naar een systeem waarin we met vertrouwen meer maatwerk kunnen leveren.”

Raad van Betrokkenheid

Frequin trapte het debat af met de vraag of toezicht houden op alles dat er in de maatschappij gebeurt wel mogelijk is. Six benadrukte daarop dat dat niet het geval is: “Het leven bestaat uit pech. We kunnen onmogelijk alles controleren.” Mark van Twist, hoogleraar Bestuurskunde en decaan en bestuurder van de NSOB, bevestigde dat: “We willen graag geloven dat een inspectie op ieder moment de organisatie binnen kan vallen, maar dat is in de praktijk niet realistisch.”

Op de vraag wat er op dit moment verkeerd gaat binnen het vraagstuk van toezicht houden, antwoordde Hoff dat er vanuit de Rijksoverheid te vaak een Pavlovreactie ontstaat als er iets mis gaat in de samenleving: “Het Rijk gaat dan regelgeving produceren. Meer en meer regels. Dat is de verkeerde weg.” Hoff pleitte daarom ook voor het vervangen van inspecties en Raden van Toezicht door een Raad van Betrokkenheid: “Een Raad van Betrokkenheid kan met stakeholders praten over de juiste invulling van toezicht binnen een organisatie. Daarmee verdwijnt ook direct het aspect van controle.” Van Twist gaf aan het niet met die stellingname eens te zijn: “Een Raad van Toezicht moet ook de bestuurders kunnen ontslaan bij slecht functioneren. Een Raad van Betrokkenheid lijkt mij daarin veel vrijblijvender.” Ook Van Zutphen heeft zijn twijfels: “Een Raad van Betrokkenheid gaat veel over het vertrouwen waar Frédérique (Six) ook over sprak. Maar wat is vertrouwen? Vertrouwen betekent in mijn optiek helemaal niet controleren. Ik raad het iedereen in deze maatschappij af om alleen maar vertrouwen te hebben. Wantrouwen houdt mensen scherp.”

Samenwerking tussen inspecties

Na een korte pauze gaf Frequin ruimte voor vragen uit de zaal. Eén van de luisteraars stelde daarop de vraag of het proces van toezicht houden niet veel beter wordt als de samenwerking tussen inspecties intensiever wordt. Host Van den Bos antwoordde daarop dat die samenwerking al bestaat, maar vooral het proces van kennisuitwisseling verbeterd zou kunnen worden. Een andere luisteraar stelde daarop dat ook het ‘toezicht’ vanuit de burger niet vergeten moet worden: “Niet alles hoeft via inspecties. Laten we vooral ook vanuit de bevolking controle uitoefenen en sectoren verbeteren.”

Frequin sloot rond 18:30 uur het debat af en raadde iedereen aan vooral te blijven eten.

De VOM zoekt stagiairs!

De VOM zoekt stagiairs!

De Vereniging voor OverheidsManagement (VOM) is hét interbestuurlijke netwerk van professionals in de publieke sector! De VOM is dé organisatie waarbinnen leidinggevenden en professionals van verschillende overheidsorganisaties elkaar ontmoeten om samen te bouwen aan de overheid van de toekomst. Dat doet de VOM als initiator van een aantal projecten. De projecten van de VOM worden georganiseerd vanuit Bureau VOM: een team van jonge, enthousiaste mensen. Bij ons ligt de nadruk op het organiseren van reuring, verrassing en vernieuwing, met als uitgangspunt het informeel samenbrengen van ambtenaren en het agenderen van maatschappelijke thema´s die aandacht verdienen.

Wat doen wij?
We organiseren diverse activiteiten, zoals debatten tussen topbestuurders (Reuring!Cafés), maaltijdgesprekken en dialoogtafels, die aansluiten op relevante, maatschappelijke thema´s. Als medeoprichter van OMOOC ontwikkelen we MOOCs (online collegereeksen) om ambtenaren in alle overheidslagen te inspireren en te voeden met praktische oplossingen voor vraagstukken in de maatschappij. Ook gaan we het gesprek aan met topambtenaren en wetenschappers in het kader van Platform O. Tot slot organiseren we de Overheidsawards, waarbij in de Ridderzaal de awards voor de Beste Overheidsorganisatie van het Jaar en de Overheidsmanager van het Jaar worden uitgereikt.

Wat bieden wij?
Er zijn verschillende activiteiten op te pakken o.a. afhankelijk van jouw ervaring en interesses, bijvoorbeeld:

  • Meedenken over en ontwikkelen van MOOCs die wij als medeoprichter voor OMOOC produceren in samenwerking met een opdrachtgever. Je bent betrokken bij de vormgeving van de cursussen, het vullen van de inzichten en het organiseren van online of offline bijeenkomsten.
  • Het organiseren van Reuring!Cafés en meehelpen aan de inhoudelijke en organisatorische opzet hiervan.
  • In gesprek gaan met topambtenaren en wetenschappers in het kader van Platform O.
  • Het organiseren van de Verkiezing Beste Overheidsorganisatie van het Jaar, de Verkiezing Overheidsmanager van het Jaar en de jaarlijkse uitreiking van de Overheidsawards in de Ridderzaal.
  • De mogelijkheid om een dag mee te lopen met een van onze bestuursleden.

Het liefst start je vanaf februari/maart voor 32 – 36 uur per week voor een half jaar (één maand proeftijd). Je ontvangt een stage en reiskostenvergoeding conform regeling Rijksoverheid (€ 550,- bij een 36-uurs stage). De VOM is binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties te Den Haag gevestigd.

Wie zoeken wij?
Het zou fantastisch zijn als je creatief, assertief, ondernemend, nauwkeurig, een sociale media-expert en een teamspeler bent. Maar je mag bij één van de vereisten een joker inzetten. Daarnaast ben je bezig met HBO of WO of master-opleiding. Je bent een proactieve stagiair die zijn/haar netwerk binnen en rondom de overheid wil vergroten. Dus interesse in actuele maatschappelijke thema’s en openbaar bestuur is een vereiste. Tot slot woon je binnen een straal van 70 km van Den Haag.

Ben je geïnteresseerd en pas jij in bovenstaand profiel? E-mail dan jouw CV en motivatie (200-400 woorden) naar nick@vom-online.nl. Meer informatie via Nick Toet (06-30099416).

Verslag Reuring!Café #88 | Zijn wij slim bezig in Nederland met Smart Mobility? | 27 november

Verslag Reuring!Café #88 | Zijn wij slim bezig in Nederland met Smart Mobility? | 27 november

Op dinsdagavond 27 november vond de 88ste editie van Reuring!Café plaats. Thema was ditmaal slimme mobiliteit. Files, vertraging en uitval van het openbaar vervoer zijn kwesties waar menig reiziger dagelijks mee te maken heeft. Dit zorgt voor frustratie, maar de mobiliteit blijft groeien, dus we moeten op zoek naar slimmere oplossingen. Slimme mobiliteit kan als oplossing dienen voor verbetering van vervoer op de weg, het spoor of in de lucht. Slimme mobiliteit is een manier om intelligenter te reizen. Recente ontwikkelingen en ambities tonen ons al dat auto’s uitgerust kunnen worden met functies als automatisch parkeren of het controleren van oogbewegingen, om te voorkomen dat een bestuurder in slaap valt. Welke ontwikkelingen zijn er nog meer te verwachten, hoe stimuleert de overheid deze ontwikkelingen en hoe werkt de overheid samen met de industrie en wetenschap?

Voertuigen die zich datagestuurd voortbewegen kunnen tot een verbetering van de verkeersveiligheid leiden. Toch kent iedereen ook de nieuwsartikelen over de gevoelde zorgen over zelfrijdende auto’s . Helpt de zelfrijdende auto of de zelfrijdende trein om veiliger te reizen? En gaat het om techniek of om gedrag als we willen innoveren? Kunnen we door slimme oplossingen nog beter gebruik maken van onze infrastructuur?

In dit Reuring!Café stonden we daarom stil bij vragen als: ¨Werken de overheid, industrie en wetenschap wel goed samen?¨, ¨Zijn we in Nederland goed bezig als we in de mobiliteitstop van de wereld willen opereren?¨ en ¨Zijn we in Nederland slim bezig met Smart Mobility?¨. Het panel was divers. De overheid, de wetenschap en het bedrijfsleven waren alledrie vertegenwoordigd. Mobiliteit is een sectoroverstijgend vraagstuk, dus naast discussie vulden de bankgasten en de host elkaar veelal aan.

Van Nederland een showcase maken

Het programma startte met een korte voorstelronde van de bankgasten en de host. Mark Frequin, directeur-generaal Mobiliteit bij het ministerie van IenW en voorzitter van de VOM, was ook bij dit Reuring!Café debatleider. Host was Steven van Eijck, voorzitter van de RAI Vereniging. Van Eijck opende enthousiast de avond en lichtte kort de aanleiding van het Reuring!Café toe. ¨We hebben het in Nederland vaak over mobiliteit, hebben veel aandacht voor nieuwe techniek, maar voeren bijna nooit een debat waarin de verbinding tussen techniek, beleid en de praktijk gelegd wordt.¨, zo stelde hij. Het aanstaande debat moest volgens Van Eijck vanuit de gezamenlijke doelstellingen gevoerd worden, bijvoorbeeld op het gebied van verkeersveiligheid en milieu.

Van Eijck introduceerde de bankgasten daarop door middel van een limerick, waarna debatleider Frequin een kort gesprek met iedere gast voerde. Frequin vroeg Maurice Geraets, managing director bij NXP Semiconductors Nederland, bijvoorbeeld naar zijn rol binnen het debat dan later zou volgen, waarop Geraets antwoordde: ¨NXP is zoals je weet een chipfabrikant. Onze chips zijn te vinden in vrijwel iedere auto. Ik neem dus deel aan dit debat vanuit de technologische sector. Aan de gezamenlijke doelstellingen die Steven al benoemde kan NXP vooral op het gebied van technologie een bijdrage leveren.¨.

Ook Bart Smolders, division director Mobility bij Siemens Nederland, bevestigde de doelstellingen en zei: ¨We moeten van Nederland een showcase maken. Voorop lopen op het gebied van slimme mobiliteit. Er is op dit moment teveel sprake van versnippering tussen sectoren, waardoor dat onmogelijk wordt. Een debat als dit is daarom waardevol.¨. Marieke Martens. director of science van de Unit Traffic & Transport bij TNO en professor Intelligent Transport Systems bij de Universiteit Twente, voegde daaraan toe dat ook vanuit de wetenschap baat ervaren wordt bij een meer intensieve samenwerking.

Het opschalen van experimenten

Het eerste deel van het debat richtte zich vooral op de rol van de techniek en hoe de overheid daarmee om zou kunnen gaan. Smolders stelde daarbij dat Nederland een mooie voedingsbodem vormt voor het uitvoeren van experimenten: ¨Nederland is klein en die kleine schaal maakt testen van technologie goed mogelijk.¨ Toch stelt hij dat Nederland bij het opschalen van geslaagde pilots naar grotere projecten vaak de boot mist. Geraets stelt dat die boot vooral gemist wordt op het gebied van bijvoorbeeld leefbaarheid in steden, bijvoorbeeld binnen de doorstroming. Floor Vermeulen, gedeputeerde bij de provincie Zuid-Holland, bevestigt dat en denkt dit probleem vooral op te kunnen lossen door coördinatie en samenwerking binnen en tussen verschillende afdelingen bij de overheid te verbeteren. Martens voegt daaraan toe dat de overheid op het gebied van logistiek nu al moet inspelen op de toenemende mate van technologie. Proactief zijn dus.

Framing

Van Eijck sneed in het tweede deel van het debat nog kort het onderwerp inclusie aan: ¨Iedereen moet betrokken blijven en het gesprek dat tijdens dit evenement gevoerd wordt moet hier niet eindigen. Doorgaan dus.¨ Hij kon daarop op bijval rekenen van de zaal. Ook stelde hij dat framing binnen het vraagstuk van mobiliteit een belangrijk onderwerp is: ¨De techniek is er vaak al, maar onderzoek toont dat het gebruik ervan onder burgers vaak achterblijft. Laten we vooral ook een soort campagne voeren om met de ontwikkelingen aan de slag te gaan. Het heeft immers zoveel te bieden.¨

Mark Frequin sloot de avond af, bedankte alle bankgasten en de host en adviseerde iedereen om vooral mee te eten. Het Indische buffet werd ook ditmaal verzorgd door de Big Improvement Day, die weer zal plaatsvinden op 15 januari 2019.

Verslag Reuring!Café #87 | Ik wil van mijn schulden af, maar de overheid zit in de weg! | 2 oktober

Verslag Reuring!Café #87 | Ik wil van mijn schulden af, maar de overheid zit in de weg! | 2 oktober

De Vereniging voor OverheidsManagement (VOM) hield op 2 oktober 2018 in samenwerking met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de 87e editie van Reuring!Café in de Glazen Zaal te Den Haag. De avond stond in het teken van schuldenproblematiek. Ook deze keer werden de bankgasten geïntroduceerd met passende gedichten door de gastvrouw Loes Mulder, secretaris-generaal bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het debat werd geleid door VOM-voorzitter en directeur-generaal Mobiliteit bij het ministerie van IenW Mark Frequin.

In Nederland kampen 1,2 miljoen huishoudens met schulden, dit kost de maatschappij 11 miljard per jaar. De schuldenproblematiek wordt steeds gecompliceerder, het voorkomen van deze schulden wordt ook steeds ingewikkelder. Partijen die schulden innen kunnen zich beter richten op preventie. Dit kunnen zij het beste doen door samen te werken. De schuldenproblematiek is niet een nieuw probleem, maar de aandacht voor de problematiek krijgt pas sinds kort echt de aandacht die het verdient. Dit komt met name door de financiële crisis; de groep van mensen die schulden hebben is groter geworden.

Eigen schuld, dikke bult
Roeland van Geuns, lector Armoede Interventies bij de Hogeschool van Amsterdam, geeft al aan het begin van het debat aan dat schulden in de afgelopen jaren zijn verschoven van consumptieschulden naar schulden die ontstaan zijn vanuit vaste lasten. Dit houdt in dat mensen hun vaste lasten niet kunnen betalen en zij, wanneer zij één tegenvaller ervaren, makkelijk in de schulden glijden. Daan Hoefsmit, voorzitter van de Raad van Bestuur van het Centraal Administratiekantoor (CAK), legt daarbij de link met de overheid en stelt dat deze een grote rol speelt in de schuldenkwestie. De overheid is één van de grootste inners van schulden. De overheid is echter in een ouderwets beeld blijven hangen en zij moet af van het beeld dat schulden in alle gevallen te wijten zijn aan het gedrag van de betreffende houder van de schulden. Bernard ter Haar, directeur-generaal Sociale Zekerheid en Integratie bij het ministerie van SZW, geeft aan dat de overheid meer het gesprek aan moet gaan met mensen in schulden. Dit kan zorgen voor nieuwe inzichten, die leiden naar nieuwe oplossingen. Maarten Schurink, secretaris-generaal bij het ministerie van BZK, voegt daaraan toe dat dit vooral op gemeentelijk niveau moet gebeuren. Gemeenten moeten volgens hem proberen om binnen gezinnen een integrale probleemaanpak te hanteren. Het gaat voor gemeenten nu te vaak over een snelle aanpak om geld te innen. Er zijn grenzen binnen ons overheidssysteem die ervoor zorgen dat mensen die net niet in aanmerking komen voor schuldhulpverlening al snel buiten de boot vallen en daardoor ´vergeten´ worden. Dit kan in de toekomst van deze mensen voor problemen zorgen.

Preventie
Daan Hoefsmit geeft aan dat er meer bereikt kan worden op het vlak van preventie. Er zijn signalen die aantonen dat mensen in de schulden dreigen te geraken. Het eerste wat mensen niet betalen is bijvoorbeeld de verzekering. Tweederde van deze groep nonbetalers is niet bekend bij overheidsinstanties zoals de gemeente. Het CAK mag sinds kort wel de gegevens delen, maar de andere grote vijf organisaties mogen dit nog niet. Dit zorgt voor onzichtbaarheid. Om dit te veranderen is er bestuurlijk lef nodig, zo stelt Hoefsmit. Nu zoeken burgers met schulden namelijk geen hulp, maar zijn ze wel erg blij wanneer zij wel worden geholpen.

Voorspellen van gedrag
Roy Budjhawan, head of Impact Finance bij de ING, geeft aan dat de ING gedrag wil gaan voorspellen aan de hand van voorgaande uitgaven. Zij willen advies geven aan klanten over hoe zij om kunnen gaan met hun uitgaven. Echter stelt hij ook dat klanten zich hier mogelijk niets van aantrekken. Hoefsmit geeft aan dat mensen bepaalde keuzes niet moeten kunnen maken. Hij stelt zo dat een vroegere storting van zorgtoeslag al veel kan bereiken. Mensen hebben de toeslag soms al uitgegeven voor de verzekering betaald moet worden. Hij benadrukt dat de toeslag gelijk naar de verzekeraar zou moeten gaan, dan hoeft men niet de verantwoordelijkheid te dragen.

Samenwerking
Budjhawan zegt dat er steeds vaker samen wordt gewerkt tussen private en publieke organisaties als het op schulden aankomt. Hij benadrukt dat je als overheid op lokaal niveau, sectorbreed, kunt kijken naar de problematiek. Daarna kan er worden opgeschaald. Ter Haar stelt daarbij hardop de vraag waarom er niet wordt gefocust op maatwerk. Organisaties kunnen op die manier beter het gesprek aangaan en zo samen zoeken naar een oplossing. Schurink merkt daarbij echter op dat er niet alleen op de gemeente kan worden vertrouwd in zo’n situatie: ¨Iedereen moet samenwerken om dit te laten werken, zo komen organisaties op andere oplossingen.¨ Volgens Schurink kan 90% van de problemen via het bestaande systeem opgelost worden, maar in de andere 10% moet er anders gehandeld worden. Van Geuns voegt daaraan toe dat er daarvoor een andere instelling moet komen ten opzichte van niet betalende klanten. Hij gaf het voorbeeld van CZ, die vertrouwt haar verzekerden. Mensen die niet betalen zijn mensen die niet kunnen betalen.

Privacy en schulden
Na de pauze werd er ruimte ingeruimd voor vragen uit het publiek. Zo werd er een vraag gesteld over de privacywet en in hoeverre dit het moeilijker maakt om schulden aan te pakken. Hoefsmit geeft aan dat het vooral moeilijker wordt om samen te werken, er mogen namelijk geen gegevens meer gedeeld worden. Ook zegt hij dat je van fraude geen kennis mag nemen. Budjhawan vult hem aan en stelt dat ze bij de ING kunnen zien waar een persoon pint. Hij zegt dat hij bijvoorbeeld kan zien dat iemand elke dag van de week naast het casino pint. Hieruit kan hij concluderen dat iemand veel naar het casino gaat. De ING wil meer met deze informatie doen, maar privacywetgeving verbiedt het.

Na enkele slotvragen sloot Mark Frequin het debat af. Hij adviseerde de aanwezigen vooral verder te praten over dit onderwerp en te blijven eten.

Verkiezing Beste Overheidsorganisatie van het Jaar | Shortlist bekend! | 12 juli

Verkiezing Beste Overheidsorganisatie van het Jaar | Shortlist bekend! | 12 juli

De shortlist van kandidaten van de Verkiezing ‘Beste Overheidsorganisatie van het Jaar’ voor 2018 is bekend. De jury stond voor een lastige keuze omdat er veel kwalitatief goede inzendingen waren.

Ook dit jaar zijn er goede initiatieven aan het voetlicht gekomen. Deze initiatieven zijn een bron van professionele trots en dienen ter inspiratie voor eenieder die op zoek is naar manieren om het functioneren van publieke organisaties te verbeteren.

Na uitvoerig overleg van de jury tijdens de Dragons’ Den worden op 11 september aanstaande de drie finalisten bekend gemaakt. Twee maanden later, op 19 november, wordt één van de finalisten tijdens de overheidsawards in de Ridderzaal, gekroond tot ‘Beste Overheidsorganisatie van het Jaar 2018’.

De Verkiezing Overheidsorganisatie van het Jaar is een initiatief van de Vereniging voor OverheidsManagement (VOM) en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). De VOM organiseert de Overheidsawards in samenwerking met: Handvest Publiek Verantwoorden (HPV), ICTU, Interprovinciaal Overleg (IPO), Unie van Waterschappen (UvW), Vereniging voor Bestuurskunde (VB) en Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), EY Nederland LLP, Huis ter Duin, Binnenlands Bestuur, Ordina, Publiek Denken en DisGover.

 

Pagina 1 van 212