De Vereniging voor OverheidsManagement (VOM) organiseerde op dinsdag 2 december 2025 in samenwerking met het Liaisonbureau van het Europees Parlement in Nederland de 131e editie van het Reuring!Café. Deze keer stond een prikkelende en actuele vraag centraal: Biedt het nieuwe Meerjarig Financieel Kader (MFK) van de Europese Unie kansen?
De ‘Wizards of AZ’, de huisband van het Ministerie van Algemene Zaken, verzorgen traditiegetrouw het muzikale entertainment. Mark Frequin, bestuurslid van de VOM, leidde het debat. Nieuw bij het Reuring!Café was de toevoeging van een dwarsdenker: Sander van Vliet, eindredacteur van Brusselse Nieuwe, vervulde deze rol tijdens de avond. Op de bank zaten vier deskundige gasten: Op de bank zaten vier deskundige gasten:
- Mendeltje van Keulen, professor of practice voor ‘European Impact’, Haagsche Hogeschool
- Pieter Hasekamp, directeur Centraal Planbureau
- Said Fazili, directeur Europese Integratie, Ministerie van Buitenlandse Zaken,
- Anouk van Brug, europarlementariër VVD



Europa dichtbij of ver weg?
Na de introductie van de gasten begon Mark Frequin met de vraag waarom we zo weinig weten over wat er in Brussel gebeurt. Anouk van Brug wees op de waan van de dag in Den Haag: Europese besluitvorming loopt vaak twee tot drie jaar vooruit, waardoor dossiers hier pas later zichtbaar worden. Mendeltje van Keulen benadrukte dat dit er mede toe leidt dat de Tweede Kamercommissie voor Europese Zaken niet bepaald tot de populairste commissies in Den Haag behoort. Saïd Fazili lichtte toe hoe Nederland zijn eigen standpunt over Europese zaken organiseert, onder meer via de Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC) fiche, waarin departementen gezamenlijk een nationale positie bepalen ten aanzien van een nieuw Europees voorstel. Ondanks het gevoel van afstand bestaan er wel degelijk goede contacten tussen het Europees Parlement en Den Haag. Anouk van Brug benadrukte dat ze vaak met haar Haagse collega’s communiceert.


Prioriteiten en positie
Pieter Hasekamp benadrukte de belangen van Europese publieke goederen en bekritiseerde het ontbreken van gemeenschappelijke afspraken op het gebied van belangrijke onderwerpen zoals defensie en digitale veiligheid. Anouk van Brug schetste de huidige verdeling van het MFK op 40% landbouw, 30% cohesie, en 30% overige programma’s. Volgens haar is een andere balans tussen deze onderdelen nodig, om actuele uitdagingen op te kunnen lossen. Daarnaast ging het over de manier waarop Nederland zich in Brussel positioneert. Saïd Fazili stelde dat Nederland bekend staat om minder aan de EU te willen betalen: “Dat zit in het Nederlandse DNA.” Het Nederlandse ambtelijk apparaat is ook erg bedreven in Europese dossiers volgens Mendeltje van Keulen. Nederland heeft zijn zaken in het algemeen goed op orde, “terwijl bij andere lidstaten de postbus nog niet is geleegd.” Mendeltje van Keulen wees ook op het belang van goede persoonlijke relaties. Anouk van Brug benadrukte, gebaseerd op het advies van haar voorgangers, hoe belangrijk de kopjes koffie zijn om goede relaties met andere EU-parlementariërs op te bouwen.


Dilemma’s uit de zaal
Na de pauze gingen de microfoons door de zaal met vragen over, onder andere, de afstand tussen de Nederlandse burger en de EU, de toekomst van het internationaal treinverkeer, en hoe Nederland over zijn eigen schaduw heen kan stappen. Ook werd gevraagd hoe je het Nederlandse standpunt het beste kunt presenteren zonder andere lidstaten aanstoot te geven. Mendeltje van Keulen onderstreepte dat de crux hierin ligt: er zijn in Brussel heel veel mensen bezig die de boodschap overbrengen, maar vaak vanuit hun eigen deelbelangen. Pieter Hasekamp voegde daaraan toe: “Je onderhandelt altijd twee kanten op” met de lidstaten en de Commissie op de ene kant én met Den Haag op de andere kant. Daarbij moet je goed nadenken over wat je bereid bent op te geven en wat je daarvoor terug wilt krijgen. Anouk van Brug vertelde dat ze vaak kritisch is op uitgaven voorstellen. Daarom richt ze zich eerst op het opbouwen van relaties en bespreekt ze of de doelen van haar collega’s op een andere, minder kostbare manier kunnen worden bereikt.


Afsluitende lessen
Tot slot werden de gasten gevraagd wat zij iedereen wilden meegeven. Sander van Vliet benadrukte dat Nederland wat minder moest proberen “de beste van de klas” te zijn, maar dat wij juist constructief moeten bijdragen zodat de Nederlandse positie meer Europees wordt. Mendeltje van Keulen gaf aan dat dit soort debatten veel vaker en op meer plekken in Nederland georganiseerd zouden moeten worden, niet alleen in Den Haag, zodat mensen inhoudelijk over dilemma’s kunnen spreken en nieuwe inzichten kunnen opdoen. Saïd Fazili zei dat Nederland zich in Europa niet kleiner moet maken dan het is, ongeacht welk kabinet er zit. Hard onderhandelen betekent volgens hem juist dat je pro-Europees bent. Pieter Hasekamp sprak de hoop uit dat er snel een kabinet komt dat keuzes maakt over Europa. Anouk van Brug sloot af dat zij hoopt dat onze minister van Financiën net zo stellig in de wedstrijd blijft als nu.


Kijk hier het debat terug:


Geef een reactie